|
Van Pierre Teilhard de Chardin
is de observatie afkomstig, dat "de mens een
geesteswezen is met mensenlijke ervaringen, en niet een
menswezen met geestelijke ervaringen".
Ook het Bijbelverhaal van Adam
en Eva getuigt van het inzicht, dat de mens een "trancendent"
wezen is, begeven met "majesteit" en "waardigheid".
Rudolf von Jhering stelt, dat
iedereen zou moeten zeggen: "De staat, dat ben ik."
Tegen de achtergrond van deze
drie uitspraken mogen we ons de vraag stellen hoe het
ten dien aanzien gesteld is met onze minstbedeelde
medemensen in de zelfkant van een sterk gesegmenteerde
en gestratificeerde maatschappij.
Hoe is het sociaal, economisch
en cultureel gesteld met structureel werkloze Curaçaose
medemensen gesteld, en hoe staan buitenlandse
werkwillige medemensen er in onze maatschappij voor.
Het betreft hier twee grote
groepen marginale en gemarginaliseerde medemensen aan
wie raad en bijstand toekomen.
Die raad en bijstand is
wezenlijk dezelfde "liefdadigheid" van artikel
142 Staatsregeling, het is
dezelfde "caritas", eerste apostolische opdracht aan
elke bischop van een RK-Kerk.
En omdat onze Staat, onze
overheid verplicht is die raad en bijstand vrij te laten
en te bevorderen, daarom werd op 4 juli 2005 op
initiatief van de Stichting een uitvoeringsorgaan
opgericht: de "Algemene Werknemersvereniging Curaçao" ("Sindikato
General Trahado di Korsou"), met het doel alle
niet-verbonden (potentiele) werknemers (binnenlandse
werklozen en buitenlandse werkwilligen) in één orgaan te
verbinden.
Van meet af aan heeft onze
overheid stelselmatig en categorisch geweigerd de AWVC/SGTK
te laten functioneren, met name door op geen enkel
voorstel tot samenwerking op welke manier dan ook te
reageren.
Iedereen weet, dat in een volk
alleen dan vrede en veiligheid (ten minste als
gewaarwording) kunnen leven, als sprake is van sociale
cohaesie.
Idereen weet, dat zonder sociale
integratie geen sprake kan zijn van sociale cohaesie; en
dat sociale zekerheid voorwaardelijk is voor sociale
intergratie.
En dat is precies waar de AWVC/SGTK
ingevolge haar statuten voor staat, en dat is precies
waar de overheid, meer in het bijzonder de Landsoverheid
geen "bevorderende" medewerking wil geven.
Het is duidelijk dat iedere
organisatie geld kost, en marginale werkloze
Curaçaoenaars hebben geen geld; de enigen die wel geld
hebben zijn de gemarginaliseerde werkwillige
arbeidsmigranten, (sinds kort vertegenwoordigd de AWVC/SGTK
de Colombiaanse arbeidsmigranten in het Curaçaose Dok)
redenen zich als werknemersvereniging als eerste te
richten op de organisatie van arbeidsmigranten, en
vandaaruit op de organisatie van fondsvorming ter
verwezenlijking van de verenigingsdoelstellingen.
De AWVC/SGTK heeft in het kader
van die organisatie eerst willen samenwerken met de
Min.Jus. op grond van de LTU-bepalingen (Landsverordening
Toelating en Uitzetting), evenwel heeft de Min.Jus.
gemeend naar aanleiding van de
inzichten van zijn adviseurs zich te moeten richten op "Bevolkingspolitiek"
en het "afdwingen van wetsgetrouw sociaal gedrag door
werkgevers".
Het eerste is geen "landscompetentie",
maar de comptentie van het Bestuurscollege van Curaçao,
en het tweede is de laatste tientallen jaren volstrekt
ondoelmatig gebleken.
Er is sinds kort een nieuw
Bestuurscollege op Curaçao aan betrekkelijke
Gedeputeerde waarvan bovenstaande materie zal dienen
worden uiteengezet.
En dat juist, omdat
justitiewetten geschreven zijn met het doel interne
veiligheid te waarborgen, welke interne veiligheid niet
gewaarborgd kan worden, zonder sociale cohaesie te
bevorderen, omdat toch zonder sociale cohaesie
criminaliteit "ruim baan" en "vrij spel" heeft.
De eilandelijke overheid
beschikt momenteel niet over een "integratiebeleid" als
complementair deel van een (evenmin bestaand) "migratiebeleid"
van een landelijke overheid. Voor structureel werkloze
lokale werkwilligen bestaan geen effectief functionele
voorzieningen.
(vide CBS-raport Zaida Lake,
concept-rapport SER, concept-rapport Jongerenbeleid)
De AWVC/SGTK is een "integratie-instrument"
bij uitstek van die bevolkingsdelen, welke "enclave
culturen" en "enclave economien" vormen, waarop geen
enkele overheid ook maar de minste vat heeft. "Culturen"
waarin armoede, uitbuiting, en
alle vormen van tegenwettelijk gedrag dagelijks "op de
plank" staan.
Nu is het meer dan duidelijk dat
niemand lid wordt van een vereniging, als die vereniging
niet op een of andere manier bijdraagt aan de leniging
van (een gedeelte van) de dagelijkse portie ellende.
Dat lenigen van de dagelijkse
portie ellende, dat heette vroeger in kerkelijke termen
"caritas" en in wereldlijke termen "liefdadigheid", en
dat is wat de AWVC/SGTK thans aan een eilandelijk
competent orgaan dient voor en uit te leggen bij een
beroep op een grondwettelijk recht op bevordering van
haar doelstellingen door een, in casu eilandelijke
overheid.
Laten we een praktisch voorbeeld
geven hoe zodanige "bevordering" eruit zou kunnen zien.
Dienst Arbeidszorg heeft drie
intake-ambtenaren, die elk vijf uren per werkdag, vijf
dagen per werkweek en vijftig werkweken per jaar
vergunningsverzoeken in behandeling nemen; de
behandeling van vier verzoeken neemt gemiddeld een uur.
Behandelingen worden vaker gedupliceerd, of zelfs
getripliceerd, omdat bij herhaling blijkt dat een of
ander bij wet voorgeschreven stuk zich niet onder de
bescheiden bevindt.
DAZ kan dus per jaar in het
meest gunstige geval (geen rekening gehouden met ziekte
en andere verhindering of ontstentenis, doublures, &c.,
&c.) logistiek niet meer dan 15 duizend aanvragen aan.
Op grond van alle vorengaande is
het redelijk aan te nemen, dat het aantal per jaar
afgegeven vergunnende beschikkingen niet meer dan de
helft, hooguit tweederden van 15 duizend dient worden
gesteld.
Van een totale officiele
beroepsbevolking van ruim 60.000 mensen, zijn er
officieel 40.000 arbeidsmigrant. Buiten het reguliere
circuit werken nog eens zo'n 25.000 tot 30.000
ongedocumenteerde buitenlanders op Curaçao.
Het zal dus eenieder duidelijk
zijn, dat op puur logistieke gronden DAZ zijn werk niet
aan kan.
Wat is er dan logischer dan de
AWVC/SGTK dat DAZ-werk te laten doen, dat aan een NGO
kan worden overgelaten.
Wat bevat een ledenadministratie
van een werknemersvereniging nu minder of anders dan de
gegevens die de overheid, bijzonderlijk DAZ nodig heeft,
teneinde op vergunningaanvragen positief te kunnen
adviseren aan het Bestuurscollege van Curaçao.
Voor elke arbeidsmigrant, lid
van de AWVC/SGTK kan de overheid bij aanvraag van
vergunningen inkomen verwerven in de vorm van leges,
voor werk dat door de AWVC/SGTK wordt verricht.
De DAZ krijgt voor haar "werk"
Ang. 250,== (eerste aanvraag) en Ang.200,==
(verlenging).
Nu gaat de AWVC/SGTK werk doen
voor DAZ, waaraan DAZ logistiek niet kan toekomen, ergo
elke door de AWVC/SGTK voorbereide aanvraag is "puur
winst" voor de overheid.
Kan de AWVC/SGTK
"kwantumkorting" krijgen voor haar leden, en
voorwaardelijke ontheffing van bepaalde
LTU-voorschriften?
Kan de AWVC/SGTK op
overeenkomstige wijze "overheidsbevordering" krijgen
voor een stelsel van "sociale zekerheid" (betaalbare
verzekeringen) voor diegenen, die op grond van artikel 1
Lv.ZV buiten de SVB-verzekeringen vallen?
Het ziekenhuis zit nog steeds
met miljoenen verliezen aan oninbare rekeningen, en de
onbetaald gebleven rekeningen voor de uitvaart van
buitenlanders komt ook nog steeds bij de Gezaghebber op
het bureau ter betaling.
De overheid kan dus het
functioneren van de AWVC/SGTK bevorderen, en met dat
bevorderen aan aantal eigen doelstellingen
verwerkelijken, welke de laatste decennia onhaalbaar
zijn gebleken; een zogenheten "win-win"-situatie.
De AWVC/SGTK is opgericht uit
het ideeëngoed van onze christelijke cultuur, Pierre
Teilhard de Chardin was daar als RK-zendeling-priester
een exponent van, het bijbelverhaal wordt door velen
gekend en door weinigen begrepen, en het "L'état, c'est
moi" van de Zonnekoning is in de zelfkant van onze
samenleving een aanfluiting voor elke marginale en
gemarginaliseerde medemens, die daar zijn, doch meestal
haar hoofd boven water probeert te houden, al dan niet
met kinderen, die het niet altijd even goed doen op
school, en voor wie een kinderrechtenverdrag even
onbekend en onbegrepen is, als voor een overheid het
traject marginaliteit, armoede, "drop out",
criminaliteit, Bon Futuro-gevangenis; de naam waarvan op
zich al een werkelijkheidsontkenning is.
Hoe staat het met de (ontwikkeling
van) "dignity", "majesty" en "trancendency" in die
substrata van die subsectoren van onze samenleving, waar
het fenomeen "werkloze", "onopgeleide", "gedetineerde"
onlosmakelijk deel is van de
dagelijkse leefsfeer.
Wat doen wij eraan, behalve "er
naar kijken".
Kort en goed: heeft de centrale
overheid de AWVC/SGTK sedert de dag van haar oprichting
"buiten de deur gehouden", thans met een nieuwe
Gedeputeerde in een nieuw Bestuurscollege is er reden
tot nieuwe HOOP, en dat doet opnieuw LEVEN.
DIE HOOP EN DAT LEVEN, DAT IS ZO
VERSCHRIKKELIJK BELANGRIJK VOOR MEDEMENSEN IN EEN (OOK
VOOR VELE BETERGESITUEERDEN) UITZICHTSLOZE SITUATIE.
Berend : :
P.S.: Vorenstaande betekent niet
dat de VBC, de SSK, en de KOLABORATIVO niet hun
gedachten mogen laten gaan over wat er wel gebeuren moet
in een situatie, welke "in de wortel en tot op het bot"
onze samenleving aantast qua positieve duurzame
sociaal-economische en culturele
ontwikkelingsmogelijkheden.
|