< Terug naar 'Blikveld'
 Rapport van Poelje - 1948
 

Rapport van Poelje - 1948

                                                                                                                                               Bron: Berend Scheperboer
 

  Download  het
rapport van Poelje - 1948


De kwestie van "autonomie binnen koninkrijksverband" is in het geheel niets nieuws, zoals hierna moge blijken.

Het is altijd zinnig eigentijdse problemen te bezien tegen de achtergrond van historische ontwikkelingen. Het is bovenal zeer dienstig wijzigingen in "omstandigheden" en "gevoelen" te peilen en te volgen in eigentijdse problematiek voor eventuele extrapolatie vanuit een verleden naar een toekomst.

Ik verwijs hiertoe naar het Koninkijk Besluit van 14-06-1948, No.29, waarbij een commissie werd ingesteld, welke bij latere gelegenheid de naam kreeg van haar voorzitter prof. dr G.A. van Poelje, lid van de Raad van State, zulks wel om aan Aruba een aparte status te verlenen, teneinde te kunnen komen tot een federatie van de "Verenigde Nederlandse Antillen" (vide aangehechte pdf.file). Er is echt niets nieuws onder de zon!

De Staatsregeling van 1936 opende weliswaar toen al de mogelijkheid tot decentralisatie, maar pogingen tot het invoeren van een dergelijke decentralisatie hadden niet tot resultaat geleid, (Par.22, pag.8) en het duurde nog zo'n kleine halve eeuw voordat Aruba de "status aparte"

verwerkelijkte, waarvan in 1948 al -letterlijk- sprake was.

Er heerste destijds geen werkeloosheid, sociale (armen)zorg was bepaald en beperkt tot (bijzondere en kerkelijke) liefdadigheid, welke een percentage uit de winst van de "Loterijbond Fortuna" ontving, alles bij noodzaak aanvullend gesteund door de overheid. (Par.15, pag.6) Het migratieprobleem werd toen omschreven als volgt: "Naast de vast gevestigde vreemdelingen is er nog een niet onbelangrijke vlottende vreemde bevolking. Binnen het gebied van de Nederlandse Antillen is de migratie ook van betekenis". (Par.9, pag.3.)

Hoofdstuk VII van meergemeld "Rapport van Poelje" geeft de drie grondslagen (Par.29, pag.10) weer voor de totstandbrenging van nieuwe organieke wetgeving. Ik moge eenieder, die in dit tijdsgewricht iets van doen heeft met de uitwerking van de "afspraken" van de Slotverklaring ten nadrukkelijkste kennisneming van dat hoofdstuk door grondige lezing aanbevelen. Dat geldt met name voor mijn respondenten "over zee", maar ook  voor al diegenen in de Antillen die het begrijpelijk Nederlands lezen nog dagelijks in de praktijk brengen.

Bijlage No.I bij het "Rapport van Poelje" bevat voorts een "Ontwerp van een Landsgrondwet voor de Verenigde Nederlandse Antillen", de inhoud van artikel 2 Ontwerp "het beginsel der zelfstandigheid van de gebieden ten aanzien van de verzorging van hun belangen" we onverkort terugvinden in artikel 1 ERNA. (Lid 1. De eilandgebieden zijn zelfstandig ten aanzien van de verzorging van eigen aangelegenheden. Lid 2. Alle onderwerpen, niet genoemd in de artikelen 2 en 2a, behoren tot de zorg van een eilandgebied).

ERGO: SINDS 1936 IS "DECENTRALISATIE" NIETS NIEUWS, EN SINDS 1954 IS "AUTONOMIE BINNEN KONINKRIJKSVERBAND" NIETS NIEUWS.

EEN "JUSTITIELE UNIE" TUSSEN DE ANTILLIAANSE EILANDEN EN NEDERLAND, EEN "SOCIALE UNIE" TUSSEN DE ANTILLIAANSE EILANDEN EN DE ANDERE CARIBBISCHE EILANDEN, EEN "ECONOMISCHE UNIE" TUSSEN DE ANTILLIAANSE EILANDEN EN DE REST VAN DE WERELD; HOE GAAN WE DAT IN ONS ALLER (ALGEMEEN) BELANG ORGANISEREN EN INRICHTEN; DAT IS DE EIGENLIJKE VRAAG IN GESTRUCTUREERDE VORM.

BLIJFT THANS HET VOLGENDE: WILLEN WE IETS LEREN VAN ONZE GESCHIEDENIS TEN BEHOEVE VAN ONZE TOEKOMST, MET NAME DE TOEKOMST VAN ONZE KINDEREN?!

WILLEN WE ONS DAARAAN IETS GELEGEN LATEN LIGGEN?!

Berend W. Scheperboer : :

Reacties:

Michiel Bijkerk schreef:

Berry,

Het rapport Van Poelje is als historisch document aardig, maar zo te zien bevat het niet inzichten waar we nu veel aan hebben. De Antillen gaan uit elkaar om later (in een nieuwe situatie) op basis van vrijwilligheid en wederzijds voordeel weer bij elkaar te komen. Dit zal de toekomst leren.

Van Poelje wilde een Federale Raad (dit werd de Staten) bestaande uit 5,2,5,111 leden, voor Cur, Bon, Aru, StM, StE en Saba. Om te kunnen werken had dit 3,3,3,3,3,3 moeten zijn.

Als ik me niet vergis heeft o.a. Boeli van Leeuwen proberen uit te leggen dat eilanden op geen andere wijze kunnen samenwerken dan op basis van gelijkheid. Dit is tegen conventionele wijsheid in, maar een archipel is nu eenmaal geen geografische eenheid. Conventionele wijsheid die voor continentale landen kan opgaan werkt niet voor een archipelstaat. Of je moet geweld gebruiken (zoals Indonesië).Dat zal overigens steeds weer tot opstand leiden, zoals Indonesië ook merkt.

Michiel

Dus gaan de eilanden uit elkaar. Zij zullen weer bijeen kunnen komen op basis van vrijwilligheid en gelijkheid.
 

Michiel,

Dat is nu precies waar het over gaat.

Er is nog steeds niets nieuws onder de zon, niet naar de wensen, niet naar de verlangens, niet naar de gedebiteerde inzichten, niet naar de gevolgde werkmethodieken; al zeventig jaren niet.

Nog immer wordt het begrip "gelijkwaardigheid" (niet: "gelijkheid") niet begrepen, noch gehanteerd.

Geen der eilanden is "gelijk" aan Nederland, maar het beginsel van de gelijkwaardigheid van onze onderscheiden eilandelijke bevolkingen aan de Nederlandse en aan die der andere eilanden binnen eenzelfde Koninkrijk komt niet echt nadrukkelijk tot uiting, om niet te zeggen: integendeel.

Zullen we afspreken, dat de tekst van de "Slotverklaring" niet uitblinkt in cohaesie en overzichteljikheid, niet qua structuur voor een organisatie van een staatshuishouding, niet inhoudelijk qua belang der voorgestelde regelingen, en in ieder geval niet qua respect voor elkanders "gelijkwaardigheid". Merk op, dat de voorgestelde regelingen op onderdelen van de diverse organisatieniveaus kriskras door elkaar heen lopen, en soms dwars op elkaar staan!!!

Jouw bezwaren tegen het Rapport van Poelje zijn onverkort van toepassing op de Slotverklaring.

Begrijp me goed: Ik ben geheel en onverkort voor "de Slotverklaring", maar een schoonheidsprijs wordt echt niet verdiend.

De maatschappij vergt organisatie, een heldere verdeling in maatschappelijke (sub)sectoren, de regeling van de onderscheiden organisatieniveaus, de regeling van de onderscheiden administratieve (sub)sectoren, de verdeling van overeenkomstige zorggebieden over de autonome, gelijkwaardige deelnemende entiteiten: ik zie het niet, en ik heb er erg lang naar gekeken.

Ik wil graag de inhoud van de rijkswetten zien, welke de zorg voor onze interne veiligheid moeten waarborgen, en de eenvormige landsverordeningen, die het bestuur van dat zorggebied regelt, en de landsverordeningen, welke uitvoering moet geven aan het inhoud geven aan de waar te nemen zorgplicht ter daadwerkelijke verwerkelijking van "interne veiligheid". (Justiele sector) Ik wil graag de inhoud van de eenvormige landsverordeningen zien, welke de zorg voor onze sociale zekerheid, openbare gezondheidszorg en educatie moeten waarborgen, en de landsverordeningen, die het bestuur van die zorggebieden regelt, alsook de landsverordeningen, welke uitvoering moet geven aan het inhoud geven aan de waar te nemen zorgplicht ter daadwerkelijke verwerkelijking van "sociale zekerheid, openbare gezondheidszorg en educatie". (Sociale (sub)sectoren).

En voor de economische (sub)sectoren eenzelfde landelijk verhaal op strategisch, tactisch en operationeel niveau.

Ik wil graag door al die structuren heen waarborging zien van de werkzaamheid van fundamentele beginselen zoals "gelijkwaardigheid" en "subsidiariteit" en "doelmatigheid" en "zorgvuldigheid" en "doorzichtelijkheid" en "behoorlijkheid" en &c.

Het Rapport van Poelje is meer dan "een aardig historisch document"; het is de waarschuwing en aanbeveling zeer gestructureerd en structureel te werk te gaan.

Het is de aanbeveling aan Nederland wel bijzonder innovatief te willen denken, en oprecht gehoor te willen geven aan de onderscheiden stemmen van de eilanden van de Antillen. Met de Antilliaanse stemmen in het Rapport van Poelje geschiedde dat destijds niet, en dat gaf dertig jaren ellende met Aruba en de Bovenwinden.

Dus, niet alleen lezen wat er staat, ook vervolgens zien wat er niet gebeurde, en waar dat toe leidde. Dat is pas leerzaam.

We zijn -sedert dienaangaande brief van de SSK in 1992 aan de Nederlandse Regering- met zijn allen al vijftien lange jaren op weg naar een werkelijkheid "na de Slotverklaring", en we blijven voorlopig nog even doorpraten op een RTC en misschien nog wel een tweede RTC.

Maar ik wil graag zien hoe iedereen zich voorsteld hoe het besprokene van het "politieke overleg" wordt vertaald naar regelgeving, welke in de praktijk van alle dag moet functioneren. En daar zijn we nog lang niet.

En ook hier is eenvoud kenmerk van het ware. En die "eenvoud", die zie ik helemaal niet, en daar blonk van Poelje wel in uit, al zaten de tijd en de omstandigheden hem wel mee.

Bovendien is er weer de bekende "grote stilte" gevallen, en dat betekent, dat er weer van alles en nog wat gebeurt -om niet te zeggen bekokstoofd wordt- waar de stem van onze bevolkingen naar goed lokaal gebruik niet wordt gehoord, en waar de onderscheiden burgers niet rechtstreeks in worden gekend.

Ik vind dat geen goede zaak, en daarom wilde ik ons denken opnieuw richten vanuit onze staatkundige historie om een lijn te zien waar niemand een draad wilde oppakken.

Berry : :

Berry,

Het is een goede insteek gebleken om je zo te antwoorden als ik deed. We komen tot de kern: Het gaat niet om gelijkheid tussen Nederland en Curaçao (Aruba, de Antillen etc.) Het gaat om gelijkheid tussen de burgers. 

Die kunnen wij alleen maar krijgen als we het Statuut begrijpen als een federatie (dit is een integraal geheel, waar de delenonderdeel zijn van een eenheid).

Een federatie betekent wel autonomie, maar tegelijkertijd eenheid. Er zijn dan dus geen Antillianen tegenover Nederlanders,maar er zijn alleen maar Nederlanders.In Amerika zijn alle Amerikanen 'Amerikanen'. In het Koninkrijk zijn dan alle Nederlanders 'Nederlanders'. OK, wij zijn Caribische Nederlanders, maar toch Nederlanders. Of niet, als wij dat niet meer willen zijn. Curaçao wil iets halfs. Zowel intern als extern heeft Curaçao tekort geschoten en komt nu zichzelf tegen. Het is zelfs zo dat Curaçao achter de schermenalles doet om Bonaire tegen te houden. Bonaire zou eens Curaçao kunnen voorbij streven! Dat moet voorkomen worden!

Curaçaoenaars houden zich t.o.v. Nederland apart. Dit resulteert in apartheid, in dit geval niet opgelegd door de sterkere macht, maar gekozen en gekoesterd door de underdog zelf.

Curaçao beschouwt zijn autonomie als een soort onafhankelijkheid, wil het Statuut niet als een integraal stelsel beschouwen en staat erop dat het een associatief model is. Hou vooral Nederland buiten de deur!!Dit lijdt tot ongelijkheid waar de Curaçaoenaar zelf onder lijdt. We hebben het inmiddels al 1000 keer uitgelegd, maar de racisten (nog steeds een kleine meerderheid in Curaçao) willen dit niet zien. Zij denken dat zij betere mensen zijn dan die vuile kolonialistische Nederlanders (met hun 'lenga sushi'), die hier niets te vertellen hebben en kunnen 'oprotten' als ze hunmond open doen en de vinger leggen op ernstige misstanden

Curaçao leeft nog steeds in het paradigma van de 19de eeuw, die uitmondde in dekolonisatie in de 20ste eeuw (volkomen terecht overigens), maar die nu weer een andere wending neemt.We zijn inmiddels wereldwijd aan het integreren en het racistische paradigma is aan het verdwijnen.

Kon men vroeger sympathie hebben voor het standpunt van de Antilliaan tegenover de Nederlander (vanwege drie eeuwen slavernij en kolonialisme), in de 21ste eeuw verdampt die sympathie, omdat inmiddels nieuwe tendensen juist gaan in de richting van het uitgroeien boven die geschiedenis.Zolang Curaçao echter niet wil, moeten we geduldig wachten en uitleggen. Het is de tijdgeest en die zet toch door. Alleen degenen die lijden onder een minder- waardigheidscomplex kunnen zichzelf daaruit verheffen. Dat moet men zelf doen. Begrijpen en doen.

De slotverklaringen zijn ten eerste geen slot en ten tweede kan er natuurlijk het nodige tegen ingebracht worden. Jij zou graag zien dat we alles meteen in één keer aanpakken. Dat beogen de slotverklaringen niet. Vele van de veranderingen die jij voorstaat (en waar ik het vaak mee eens ben), komen in een later stadium aan de orde. De veranderingen komen nu wel snel, maar ze komen niet in één klap.

Met name de fragmentatie van de uitvoerende macht komt niet aan de orde in de slotverklaringen. Dit komt later. Het is al ingewikkeld genoeg om de slotverklaringen uit te voeren. We zijn er nog lang niet. Dus mijn idee is: doe minder tegelijk.

Ik hoop ook (en weet wel zeker) dat de eilanden na uiteengaan weer bijeen zullen komen, Ik zal daar in ieder geval wel voor gaan pleiten. Maar de uitreding van Bonaire is nu noodzakelijk om het nieuwe paradigma in de Antillen een kans te kunnen geven. Curaçao is daarvoor gewoon nog niet klaar. Wij geven ARCO Curaçao uit om een bijdrage te  leveren aan het bewustwordingsproces  Curaçao heeft financieel en justitieel toezicht nodig. Laten we daar eens beginnen. Wat dacht je van de laatste 'outrage', de 'fat pensions for fat cats'? Zie de laatste ARCO Curaçao (www.arcocuracao.com). Wij kunnen niet dit soort dingen blijven doen en verwachten dat dat geen consequenties heeft.

Dus laten we nu eens beginnen. Het veranderings- proces is gecompliceerd en zal jaren vergen. We moeten beginnen. Dat begin is de slotverklaring. Gelijkheid van de burgers komt, ook voor Curaçao, alleen later omdat jullie nu nog niet willen,het nog niet zien. Ook Aruba loopt nog achter.

Je spreekt van eenvormige landsverordeningen. Ik sluit niet uit dat die er komen, maar dat is geen prioriteit. Nederland luistert wel, maar je moet je realiseren dat Nederland niet zelden naar 6 tegengestelde meningen moet luisteren. Kom daar maar eens uit! Of openheid dan altijd de oplossing is, is ook de vraag. Ik kan mij nog herinneren dat we in de Eilandsraadzaal zaten te praten over staatkundige structuur met vertegenwoordigers van de gehele bevolking (vakbonden, werkgevers- organisaties, kerkelijke groeperingen enz.). Wel 30 of 35 man. Het was allemaal heel open, maar het leidde tot een gekakel waar echt helemaal niemand uit kwam. Het leidde dus tot niets.

Democratie is moeilijk. We moeten het absoluut behouden en zo veel mogelijk openheid hoort daarbij. Maar niet altijd is dat mogelijk. Pim Fortuyn heeft geprobeerd de formering van een gemeentebestuur in het openbaar plaats te laten vinden. Na twee dagen zei hij: 'hier heb ik  geen zin an'. En daar was wel reden voor. Men ging dus weer door  achter gesloten deuren. Toen lukte het wel.

Ik hoop dat mijn opmerkingen helpen.

Michiel

Michiel,

Er zijn momenteel drie sets relevante parameters:

a) De entiteiten: Rijk, Land en Eilanden (straks: Rijk, Supra-Land, Land);
b) De organisatieniveaus: beleid (strategie), bestuur (tactiek) en beheer (operatie); en
c) De sectoren: justitieel, sociaal, economisch.

Dus net zo iets als lengte (a), hoogte (b) en breedte (c), en de onderscheiden onderverdelingen.

Die parameters staan "haaks" op elkaar; als je geen DRIEDIMENSIONAAL (organsatie)model maakt raak je het zicht op de inwendige verbanden en verhoudingen kwijt, en kan van correcte plaatsbepaling van de

problematieken en hun oplossingen geen sprake zijn. En dat is precies mijn probleem, want het is meer dan overduidelijk dat uit het geharrewar van politici met mathematische zekerheid geconcludeerd moet worden, dat niemand een overzichtelijk en cohaerent beeld heeft van wat er precies waarom moet gebeuren, waar en wanneer.De SSK heeft al IN HET JAAR 1992 in een schrijven aan LUBBERS en HIRSCH BALLIN precies dat OVERZICHTELIJKE EN COHAERENTE BEELD geschetst.

De Curaçao'se politiek daarentegen wil al vijftien lange jaren "beter weten", en kakelen als slecht geconditioneerde kippen "zonder kop" volstrekt langs elkaar heen. "Die rottige Hollanders" -verder dan schelden en afzetten tegen komt de gemiddelde Curaçao'se politicus ook niet- hebben al een voorsprong van vijftien jaren in denken op ons, en het mooiste is dat ze die voorsprong hebben op geleide van de grootste Curaçao'se vakcentrale, die vijftien jaren geleden al zijn buik vol had van "de lokale politiek" en aan

Nederland de voorzet deed, welke nu moest leiden tot de "Slotverklaring". Dois moest naar Washington toen Errol en Oscar (in 1992) naar Den Haag gingen, en daar die infameuze SSK-brief trachtten te "neutraliseren". Dat leverde wel uitstel van executie op, maar ook niet meer dan dat; het

"kwaad" was al geschied!!!

Met name Errol verzette zich met hand en tand, te vuur en te zwaard tegen de geprojecteerde ontwikkelingen (waarvan de inrichting van de Kolaborativo als tactisch orgaan deel uit maakte); het koste hem uiteindelijk zijn politieke kop bij de laatste verkiezingen: einde oefening).

Thans is het de tijd voor de executie, en die executie heet: "Slotverklaring"; dat is een zorgvuldig voorbereid en vijftien lange jaren begeleid proces, voornamelijk "geinstigeerd" door De Vergadering, een Curaçao'se "denkgroep" uit de begin-negentiger jaren.De Slotverklaring heeft dan ook een uiterst Curaçao'se -redelijk onzichtbare- fundering, de zichtbare bovenbouw ziet er "Nederlands" uit, dat kan ook niet anders, want je denkt toch niet dat de Curacao'se politiek over de kennis en de kunde beschikt om zodanige tekst als die van de Slotverklaring zelf te (laten) produceren?!

Berry : :

 

Copyright ©   2006 - 2009  All Rights Reserved