"Oproep rationele omgang met
slavernijverleden"

bron: Amigoe 18 augustus
2007
WILLEMSTAD — Niet alle
blanken zijn schuldig en niet alle zwarten zijn
onschuldig aan de slavernij. Als wij onze geschiedenis
niet eerlijk onder ogen kunnen zien, genezen onze wonden
nooit. En de verdeeldheid in de maatschappij wordt niet
opgeheven zonder rationele discussies over racisme,
homofobie, het minderwaardigheidscomplex en de
roddelcultuur van onze samenleving.
Dit verklaarde Alex
Rosaria, staatssecretaris van Fiscale Zaken (PNP),
vrijdagavond in zijn toespraak tijdens de jaarlijkse
herdenking van de slavenopstand uit 1795, die dit jaar
mede opgedragen is aan Moises Frumencio ‘Dòktor’ da
Costa Gomez. Rosaria is naast staatssecretaris ook
activiteitencoördinator van de viering van het
honderdste geboortejaar van Da Costa Gomez. Rosaria
bracht in herinnering dat Da Costa Gomez 44 jaar geleden
een monument heeft laten oprichten voor Tula, die gezien
wordt als de leider van de slavenopstand. Bij de
inauguratie zei Da Costa Gomez dat de strijd van Tula
door moest gaan om de verdeeldheid naar ras, huidskleur
en machtspositie op te heffen. Dòktor heeft het algemeen
kiesrecht bereikt en zijn meesterwerk, het Statuut van
1954, waarvan hijzelf zei dat dit de eerste helft is van
de emancipatie van het volk, aldus Rosaria. Het streven
van Da Costa Gomez beperkt zich niet tot een autonome
status, maar reikt naar een eenheid met de regio.
Rosaria roept op tot
bewustheid van de teerheid van vrijheid en vooruitgang,
en stelt dat er de tendens heerst om wat er reeds
bereikt is op deze gebieden af te breken in plaats van
dit te verstevigen. Ook de politici kregen ervan langs.
Wie roept dat wij het zelf niet kunnen en dat
emancipatie het tegenovergestelde is van welzijn, is
verkeerd bezig. Evenals politici die incapabele personen
benoemen op cruciale posities. Maar ook personen die
ondermaats presteren en minachten wat van eigen bodem
afkomstig is, verergeren de situatie waarin het eiland
verkeert. Tot slot deed Rosaria een oproep om de strijd
om soevereiniteit niet te laten verworden tot een strijd
tegen kapitalisme, tegen globalisering, tegen personen
die geen ‘echte’ Curaçaoënaars zouden zijn, ‘en hoe
gerechtvaardigd ook, zelfs niet tegen Nederland’.
|