|
Jacob Gelt Dekker: Kan toerisme groeien met Uzi-machinegeweren?

Datum: 28 Oktober
2007
Op 3 september hield de
politie op Curaçao twee jongens van 18 en 19 aan. In hun
auto werden een Uzi- machinegeweer met amunitie, een
shotgun met dumdumkogels, maskers en mobiele telefoons
aangetroffen. De pers meldde dat de politie meent dat
met deze aanhouding een groot aantal gewapende
roofovervallen opgelost zullen worden. Echter voor het
plegen van een roofoverval heeft men geen Uzi-machinegeweer
of een shotgun met dumdum kogels nodig.
Deze wapens getuigen van
moordlust, en wel zeer bloeddorstige moordlust. Een Uzi
machinegeweer kan binnen een halve minuut bijna 100
kogels afvuren. Dumdumkogels hebben een holle tip
waardoor ze bij inslag in het lichaam een zeer grote
gapende wond veroorzaken. Ze zijn zelfs voor
oorlogsgebruik door de Conventie van Geneve verboden.
Voor een roofoverval zijn deze wapens volledig
ongeschikt. Het zijn moordwapens van het ergste soort.
Alles duidt erop dat de jongens meer in de zin hadden
dan een roofoverval.
Wat bezielt deze
jongemannen? Wat hebben ze gedacht? Wat heeft ze tot
deze waanzin gebracht? Dit soort wapens zijn niet zomaar
legaal of illegaal te koop op de hoek van de straat.
Uitvoerig onderzoek en planning, zoeken naar de juiste
wapenhandelcontacten, clandestiene aanschaf,
geldtransacties, smokkel, vervoer en aflevering moeten
georganiseerd worden en dat vereist een uitgebreid team
van medeplichtigen. Zijn al deze medeplichtigen, die
blijkbaar hun medewerking hebben werleend, ook zo
moordzuchtig en/of totaal gewetenloos?
De Uzi-Dumdum-arrestatie
markeert in alle opzichten een nieuwe zeer ernstige
ontwikkeling in de gemeenschap van Curaçao, de
ontwikkeling van terrorisme! De toeristenindustrie heeft,
na jaren van een kwijnend bestaan, haar markt dit jaar
zien groeien met 10-15 procent, dankzij de goedkope
dollar of de gemeenschappelijke wervingsinspanningen,
wie zal het zeggen. Succes heeft nu eenmaal vele vaders.
Vliegtuigen zitten vol, hotels breiden uit en
nieuwkomers in de markt laat men enthousiast toe.
Gelukking voor de nog wankele luchtvaartmaatschappijtjes
van de Antillen, gelukkig voor de internationale
maatschappijen die het aandurfden een route op de
Antillen te vliegen.
Gelukkig voor de
werkgelegenheid en de welvaart. Maar is de gemeenschap
klaar, als gastvrij eiland, deze stroom toeristen te
ontvangen en veiligheid te bieden? Is de bevolking
bereid haar maatschappelijke verantwoordelijkheid te
dragen, zelfs als het om terrorisme van eigen bodem
gaat? Veel is er veranderd sinds Emily de Jong de moed
heeft gehad het Slotaccoord met Den Haag goedgekeurd te
krijgen. Plotseling lijkt er een andere wind te waaien.
De economie trekt wat aan en toont voor het eerst in
tien jaar groei. Emily en een paar van haar getrouwen
hebben hun standbeeld in de Antilliaanse geschiedenis
dan ook dubbel en dwars verdiend. Maar vele politici
blijven ook vandaag nog hun gebrek aan werkelijkheidszin
demonstreren en leven nog steeds in hun droomwereld van
grootheidswaanzin.
Zo hebben de dromers
steevast ontkend dat de cijfers van geweldadige misdaad
op Curaçao en St. Maarten alle records breken.
Historische bespiegelingen, veelal omlijst met
halfzachte zweverige poëzie, moet de gemeenschap leiden
tot een verheven gedachtengang, en binnen- en buitenland
koest houden of in slaap sussen. Menig politicus en
ambtenaar brengt zijn dagtaak door met het schrijven van
ontkennings e-mails naar een ieder die in de pers gewag
maakt van de schrikbarende misdaadontwikkeling onder
Antillianen en op de Antillen.
“Alles wat u zegt is
gelogen of zwaar overdreven”, klinkt het refrein,
afgewisseld met scheldpartijen, laster, roddel en
kletspraat, immers de boodschappers moet het zwijgen
worden opgelegd. Een op stapel staande Mediawet voorziet
zelfs in een beginnende censuur die de waarschuwers
voorgoed de mond moet snoeren; lang leve het neo-facisme
op de Antillen! Zijn deze politici, deze beschermers van
georganiseerde misdaad in hun oneindige onbenulligheid
wellicht zelf direkte belanghebbenden, heeft menigeen
zich keer op keer afgevraagd.
Jeugd, die Uzi-
machinegeweren en shotguns met dumdum kogels koopt,
bedreigt rechtstreeks de toeristische ontwikkeling van
de economie, welvaart en welzijn van de gemeenschap.
Zoals een fabrikant garant blijft voor zijn producten en
op die garantie aangesproken kan worden, zo blijft een
samenleving verantwoordelijk voor de mensen die het
produceert, zelfs als dat levensgevaarlijke misdadigers
of terroristen zijn. De hele Curaçaose samenleving
draagt de verantwoordelijkheid voor deze ontspoorde
jeugd, deze terroristen van eigen bodem.
Waar zijn de Antilliaanse
leiders, de morele en geestelijke leiders? Waarom
zwijgen ze in alle talen? Waarom steekt men alweer de
kop in het zand alsof er in het verleden nog niet
voldoende leergeld is betaald?
Duizenden jongeren hebben
zich onttrokken aan alle vormen van onderwijs en
deelneming aan de geregelde samenleving, aldus de
rapporten van Rede Sosial, het Sociaal Vangnet van de
Antilliaanse overheid. De dienst doet wat ze kan met
zeer beperkte middelen, en verdient ons grootste
respect. Maar wat doen de ouders? Wat doet de familie,
de buurman, de vriend, de schoolmeester, het buurthuis,
de barrio, de politieke partij, de voetbalvereniging, de
kerk, kortom: wat doet de hele samenleving? Good
governance en welvaart begint immer in het gezin, thuis
en laat zich niet afschuiven naar onverantwoordelijke
dromers-politici!
Jacob
Gelt Dekker
|