|
Een dezer dagen is mij ter ore gekomen, dat er onder de
regerings- en oppositiepartijen van Curaçao grote
verontrusting (of bezorgdheid of ongerustheid) leeft
over de juiste benaming van wat Curaçao is, en de
daaruit voortvloeiende juridische consequenties.
De zaak moge een ieder
duidelijk zijn: het Slotakkoord stelt dat Curaçao een
Land
wordt binnen het Koninkrijk der Nederlanden. Welnu, daar
wringt de schoen. Indien nu achteraf zou blijken dat
Curaçao niet een
land
maar een
eiland
is, zou men juridisch kunnen stellen, dat de
overeengekomen verplichtingen niet behoeven te worden
nagekomen, omdat naar de letter der wet niet juist
geformuleerd is, maw een land iets anders is dan een
eiland... Je kunt immers niet iets van iemand of iets,
verwachten, die niet is wat de overeenkomst stelt, dat
hij of zij zou moeten zijn.
Onze
bewindvoerders zouden reeds menig juridisch advies
hebben ingewonnen, echter zonder duidelijk uitsluitsel
te hebben verkrijgen. Momenteel heeft men in ernstige
overweging genomen om daarom een diepgaand onderzoek in
te stellen door een speciaal samen te stellen commissie.
De leden van de
commissie, waar nagenoeg alle politici en hun staven bij
betrokken zijn, zullen als opdracht krijgen om, vanuit
alle mogelijke gezichtspunten, na te gaan of Curaçao nu
een
eiland
dan wel een
land
is.
De
kosten die daarmee gemoeid zijn worden geschat op enige
miljoenen, maar Willemstad rekent er geheel op, dat deze
royaal gedragen zullen worden door Den Haag, die immers
de veroorzaker is van de hele problematiek.
Het onderzoek zou zich
eerst richten op het vaststellen van wat zich rondom
Curaçao bevindt. Stel dat de ruimtes buiten Curaçao
geheel zijn gevuld met water, dan dient men te
concluderen dat Curaçao een
Eiland
is. Tot op heden staat nog lang niet vast of dat
doorzichtige goedje voor onze kusten wel water is,
vandaar eerst een expertiseonderzoek dat zal aanvangen
met dienst- en studiereizen van alle politici naar
waterland bij uitstek, Nederland.
Vervolgens zal een ander deel van de commissie een
diepgaande studie doen naar de culturele aanduiding van
Curaçao door de eeuwen heen, in alle officiële
literatuur, proza en poëzie. Uit de bevindingen zou men
oude rechten op de ene… óf de andere status kunnen
afleiden en verdedigen. Deze commissie leden zullen zich
laten leiden door inspiratie, roeping en hun diep
genestelde gevoelens van nationaliteit en
vaderlandsliefde.
Ten
slotte, stelt men voor, om zij, die het kunnen weten in
de Curaçaose samenleving, de zogenaamde "wijze mannen en
vrouwen", een speciaal advies uit het hart te laten
uitbrengen.
Men
verwacht de Koninkrijksregering met een volledig rapport
te kunnen informeren binnen ten minste twéé, en mogelijk
zelfs één jaar. Ondertussen zullen, vanzelfsprekend,
alle andere zaken in de wacht gezet moeten worden. De
burger kan gerust zijn, er wordt degelijk gewerkt aan
zijn toekomst, en de Curaçaose politicus zal nooit over
een nacht ijs gaan, zelfs niet op Curaçao.
Jacob Gelt Dekker
|