Al in 1919 was er voor het eerst sprake van een
boomplantdag in Nederland toen op 27 november van dat
jaar de oprijlaan van Kasteel Doorwerth door 240
leerlingen van alle Arnhemse lagere scholen van nieuwe
beuken werd voorzien. Jammer genoeg is er ruim 85 jaar
later nog maar een enkele stronk over van deze bomenrij.
In 1954 verschijnt een publicatie, "World Festival of
Trees", van de FAO, de Voedsel- en Landbouworganisatie
van de Verenigde Naties: 'Belangstelling voor bomen is
noodzakelijk om in te kunnen zien dat bomen bijdragen
aan het welzijn en de welvaart van een natie. Bomen
versieren huizen en steden. Bossen beschermen de bodem,
houden water vast, verzachten het klimaat, bieden een
woonplaats aan het wild en vormen een rustpunt voor de
mensen. De beschermende invloed van bossen houdt niet op
bij de landsgrenzen, is niet beperkt tot één natie. Daar
komt bij dat houttekorten kunnen worden aangevuld vanuit
gebieden met een overschot. Om bosproducten zo goed
mogelijk te verdelen over de wereld, opdat zoveel
mogelijk mensen er van profiteren, is het nodig dat de
hele wereld de waarde van bossen inziet'.
De vergadering van de FAO, gealarmeerd door de omvang
van de mondiale ontbossing, wilde niet dat het bij
woorden bleef en nam daartoe deze resolutie aan: 'The
Conference, recognising the need of arousing mass
consciousness of the aesthetic, physical and economic
value of trees, recommends a World Festival of Trees to
be celebrated annually in each member country on a date
suited to local conditions'. Het komt er op neer dat
ieder land wordt opgeroepen om deel te nemen aan een
World Festival of Trees om de ontbossingen tegen te
gaan.
In dat zelfde jaar riep Prof. G. Houtzagers,
hoogleraar in de houtteelt en de bosgeschiedenis en
voorzitter van de Koninklijke Nederlandse Bosbouw
Vereniging, naar aanleiding van deze resolutie een
vergadering bijeen om aan een dergelijk Boomfeestdag
vorm te geven. En zo
reageerde Nederland in
1956 als eerste niet-Amerikaanse staat met de oprichting
van het Landelijk Comité Boomplantdag, in 1980 omgedoopt
in de Stichting Nationale Boomfeestdag. In Park Berg en
Bos van de gemeente Apeldoorn vierden 1600
schoolkinderen op 10 april 1957 de eerste Nationale
Boomfeestdag in de stijl zoals we die nu nog hanteren.
Tegenwoordig zijn er jaarlijks in ruim 400 gemeenten
die deelnemen aan de Nationale Boomfeestdag. Ieder jaar
worden door meer dan 150.000 kinderen, honderdduizenden
bomen en struiken geplant. In de bijna 50 jaar dat de
stichting nu bestaat, zijn er al ruim 10 miljoen bomen
en struiken geplant!
|