De Telegraaf - Nieuw leven voor ’HORRORBOSSEN’ In Dutch

 

Nederlandse energieproducenten herstellen TROPISCH REGENWOUD in Oeganda

                                                                                                                door MARTIJN KOOLHOVEN

De beruchte Oegandese dictator Idi Amin heeft niet alleen de dood van ruim 300.000 Oegandezen op zijn geweten, maar hij liet ook een waar slagveld achter in de flora en fauna van zijn land. Het uiterst wrede regime van Amin, die zijn land tussen 1971 en 1981 naar de rand van de afgrond leidde, laat nog altijd zijn sporen na. Bij gebrek aan een behoorlijke voedselproductie vielen o.a. luipaarden, leeuwen en olifanten ten prooi aan het leger van Amin. Ook grote delen van het tropische regenwoud overleefden één van de meest wrede Afrikaanse regimes ooit niet. Met geld van de Nederlandse energieproducenten worden de oerbossen weer hersteld. Niet alleen om de dieren weer een veilig onderdak te bieden, maar ook om zo een bijdrage te leveren aan de bestrijding van de opwarming van de aarde.

Nieuw leven voor ’HORRORBOSSEN’
Wrede dictator Idi Amin richtte ook in natuur waar slagveld aan
 

KAMPALA/ENTEBBE (Oeganda), zondag

Weinig Oegandezen willen nog herinnerd worden aan de verschrikkingen van dictator Idi Amin. Niet zo verwonderlijk, want tijdens zijn terreurbewind in de jaren zeventig werden niet alleen 300.000 mensen op gruwelijke wijze afgeslacht, ook de wilde dieren werden uitgemoord of vielen ten prooi aan de slagers van de dictator.
        Het martelcentrum, gevestigd in het hartje van de hoofdstad Kampala aan de Nijl Avenue, is er, gek genoeg, nog steeds. Hier duwde Idi Amin zijn politieke tegenstanders hoogstpersoonlijk van het dak. In de eetzalen van dit voormalige hotel De Nijl moeten zich gruwelijke taferelen hebben afgespeeld. Getuigen verhaalden later dat Amin en zijn losgeslagen legerkliek zich ook schuldig hebben gemaakt aan kannibalisme. Ook voerden ze tegenstanders aan de krokodillen.
       Hotel De Nijl, dat tegenwoordig hotel Kampala Serena heet, is in de loop der jarig grondig gerenoveerd. Het heeft tegenwoordig vijftig kamers, inclusief suites en bloementuinen. Idi Amin liet het hotel en het naastgelegen conferentiecentrum bouwen om onderdak te bieden aan de conferentie van de leiders van de Organisatie van Afrikaanse Eenheid (FAO), die in 1971 in Kampala zou plaatsvinden. Die conferentie vond nooit plaats nadat Oeganda zijn eerste militaire coupe beleefde, in januari 1971. Het militaire regime, geleid door Amin, begon een uiterst gewelddadig bewind dat Oeganda in het daaropvolgende decennium ruineerde. Geweld en terreur werden een vast onderdeel van het ’regeringsbeleid’. In 1974 lukte het Amin alsnog om de FAO-conferentie naar Kampala te krijgen, maar na het vertrek van de laatste bezoekers veranderde de legerleider het hotel De Nijl in het nationale martel- en moordcentrum. Afgelopen jaar trok de film ’Last King of Scotland’, die handelt over het schrikbewind van de Oegandese dictator (Idi Amin kreeg een militaire opleiding in Schotland), volle zalen.
       Minder bekend is dat tijdens het regime van Amin ook vele tienduizenden hectaren tropisch regenwoud ten prooi zijn gevallen aan het leger en de losgeslagen bevolking, die alles moest doen om te overleven. Illegale houtkap en het stropen van wild waren tot ver in de jaren tachtig staande praktijk in Oeganda. Grote oppervlakten bos leken voorgoed verdwenen.
        
Levensbelang
        Nu de politieke situatie in Oeganda sinds eind jaren tachtig een stuk stabieler is en het land weer overeind krabbelt, heeft de Uganda Wildlife Authority (UWA) in 1992 een serieus begin gemaakt met het herstel van de nationale parken en het uitvoeren van grootschalige bosherstelprojecten. Uniek, omdat op verschillende plaatsen in het land tropisch regenwoud opnieuw wordt aangeplant. De lokale bevolking profiteert mee doordat de grootschalige herstelprojecten werkgelegenheid betekent voor duizenden Oegandezen. Via voorlichting en onderwijs is de lokale bevolking er ook van doordrongen geraakt dat gezonde oerbossen van levensbelang zijn voor o.a. een goede waterhuishouding in het land (de bomen nemen water op en zuiveren het). Bovendien keren de wilde dieren, die aan het leger van Idi Amin hadden weten te ontkomen, terug naar de inmiddels leefomgeving van de wildparken, waardoor ook het toerisme beetje bij beetje aantrekt. Ook dat betekent een belangrijke economische impuls voor het land.
       Sinds een aantal jaren dragen ook de Nederlandse energieproducenten voor enkele tonnen per jaar bij aan het herstel van het tropisch regenwoud, o.a. in Oeganda. De energieproducten helpen mee met de bosopbouw via de Nederlandse Stichting Face, die in 1990 is opgericht door de toenmalige Samenwerkende Elektriciteitsproductiebedrijven (SEP). De grote Nederlandse energieproducenten, zoals E.on, Nuon, Essent en Electrabel, zien hun bijdragen als een soort van eigentijdse ontwikkelingshulp waar iedereen baat bij heeft. Zo financiert energiereus E.on al drie jaar lang het herstel van het Mount Elgon National Park aan de grens met Kenia en, in het zuiden, het Kibale National Park.
        
Extra dimensie
       In Mount Elgon gaat het om de heraanplant van 14.000 hectare, in Kibale National Park nog eens 10.000 hectare. Het herstel van het Kibale Park heeft nog een extra ecologische dimensie: dit park (totaal 80.000 hectare) huisvest dertien verschillende apenkolonies, o.a. een groot aantal chimpanseefamilies. Op beide plekken is tijdens de dictatuur van Idi Amin zo’n 15 procent van het tropisch regenwoud verloren gegaan. In de oerwouden die zijn overgebleven staan woudreuzen van meer dan vijftig jaar oud.
        „Zonder de Nederlandse steun zou de herplant niet hebben plaatsgevonden”, stelt projectleider Wilfred Chemutai van Kibale National Park onomwonden vast. Chemuti leidde een klein groepje Nederlandse journalisten rond om hen te informeren over het bosherstelproject, dat met het Nederlandse elektriciteitsgeld mogelijk wordt gemaakt. Om dit project van herstel van tropisch regenwoud mogelijk te maken, zijn in de loop der jaren circa 10.000 omwonenden gedwongen te verhuizen. Het aldus vrijgekomen land is bij het nationale park getrokken.
       „Als hier geen herplant van bomen zou plaatsvinden, zou het grasland zijn gebleven. We herstellen het bos dat in tien jaar tijd verloren is gegaan. Door de politieke instabiliteit in de periode 1970-1980 grepen hele dorpen hun kans om bomen te kappen voor het bouwen van huizen, het maken van vuur, of het vrijgekomen land te gebruiken voor landbouw. De dieren werden gedood voor voedsel en de overgebleven dieren vluchtten weg. Sinds een paar jaar zien we nu dat de dieren weer terugkeren. Het bosherstelproject betekent voor ongeveer vijfhonderd mensen werk. Het is mooi om te zien dat de bevolking weer trots is geworden op het oerwoud”, lacht Wilfred Chmutai. „Ze komen aanrennen om te helpen blussen als er ergens brand is.” Het volgroeien van het nieuw aangeplante tropisch regenwoud zal vijftig (!) jaar duren. „Het wachten is dan ook op de eerste chimpansee die betrapt wordt in een door UWA/Stichting Face geplante boom.”

        
Hoge boetes
        Om te voorkomen dat de lokale bevolking tóch illegaal aan het kappen slaat, vinden er gelijktijdig programma’s plaats voor het planten van bomen búíten het tropisch oerbos die wél mogen worden gekapt. Bovendien heeft de Oeganda Wildlife Authority (UWA) hoge boetes gezet op illegale bomenkap. Terwijl een boete voor het illegaal omhalen van een boom 5000 shilling bedraagt, geldt als gemiddeld maandinkomen voor een arbeider 55.000 shilling. Ter vergelijking: het maandinkomen is 55 euro, de boete 5 euro, dus zo’n tien procent van het maandinkomen. In Nederlandse verhouding zou dat bij een maandinkomen van E 2000 neerkomen op een boete van E 200 per boom.
       De UWA investeert veel in het voorkomen van bosbrand. De autoriteiten zijn als de dood dat de zorgvuldig aangeplante oerbomen weer in vlammen opgaan, overal in het oerwoud zijn brandgangen gemaakt die het bos opdelen in ’veilige’ zones.
        „We zien dit project als een goed voorbeeld van een combinatie van de belangen van de lokale economie en duurzame ontwikkeling”, vertelt Odila Sibrijns van E.on als we het bosherstelproject in Kibale National Park bezoeken. „Door de ontbossing is met name het leefgebied van de chimpansees bedreigd. Met dit project omarmen we een oplossing die goed is voor de flora en fauna, voor de lokale bevolking, voor de economie en die ook nog een bijdrage levert aan het reduceren van de CO2emissie.”
       Hoewel er sinds het verdrag van Kyoto een handel op gang is gekomen in CO2-certificaten, benadrukt E.on dat het ondersteunen van de projecten in Oeganda géén winstoogmerk heeft. Het is echter wel leuk meegenomen, dat door de bosbouwprojecten in Oeganda E.on in staat is de CO2-uitstoot van tienduizenden Nederlandse gezinnen te compenseren. E.on heeft ervoor gekozen om dit te doen zonder dat de kosten van de projecten in Oeganda direct door te berekenen aan de klant.
       Een rekensommetje: een Nederlands gezin gebruikt cir3 ca 1800 m aan aardgas per jaar. 3 Eén m aardgas heeft zo’n 1,8 kg aan CO2 in zich. Sinds 2001 heeft E.on via Stichting Face ruim zo’n 300.000 ton CO2 aan certificaten ontvangen. De helft komt hiervan uit de projecten in Oeganda. Als je dit tegen elkaar afzet dan betekent dat, dat dit genoeg is voor zo’n 96.000 gezinnen gedurende een jaar, of minder huishoudens, maar dan gedurende langere tijd.
       Odila Sibrijns: „We hebben tot nu toe besloten deze certificaten niet op de markt te brengen. We leveren groene stroom of groen gas aan onze klanten, maar die betalen daar niets extra’s voor. Met de productie van elektriciteit veroorzaken we CO2-uitstoot, maar tegelijkertijd zorgen we er elders op de wereld voor dat de CO2 wordt omgezet in zuurstof. Er is maar een beperkte groep ideële consumenten die wél bereid is diep in de buidel te tasten voor ’groene energie’. Voor consumenten die wel groene energie willen, maar er niet extra voor willen betalen, is dit een mooie oplossing. Met de projecten in Kibale National Park en Mount Elgon National Park kunnen we tienduizenden Nederlandse gezinnen aan groene energie helpen. Tegelijkertijd helpen we de lokale bevolking en de duurzame ontwikkeling. Alleen maar winst! Niet alle winst hoef je in euro’s uit te drukken, toch?”
        
Vliegshow
        Wederopbouw in Oeganda is hard nodig, het land krabbelt nog steeds overeind. Later in de week passeren we de Jajja Villa’s, het voormalige buitenverblijf van Idi Amin. Hier organiseerde de militaire leider ooit een vliegshow voor hoge Afrikaanse gasten om hen te laten zien met welk machtsvertoon hij het apartheidsregime Zuid-Afrika uit zou drijven. Helaas voor Amin misten alle gevechtsvliegtuigen de doelwitten op het eilandje, midden in het meer. Er was echter geen journalist in Oeganda die daarover durfde te berichten. In Hotel De Nijl kwamen ook tientallen journalisten aan hun einde…
 

 

Copyright © 2007-08.
All Rights Reserved.
Child Right
Child Right