Antiliaans Dagblad - Modern Slavery

5 July 2006 | By Bas Jussen
This past weekend while Curacao was celebrating the abolition of slavery of 1863, the slave trade of children continued in the West African country Burkina Faso. Annually about 30,000 children are kidnapped and sold into slavery as mineworkers, domestics, field workers or prostitues. Businessman and honorary chairman of Childright, Jacob Gelt Dekker visited the country filming a documatary on the subject.
Thinking that slavery is for history book or museums, like Gelt Dekker's Kura Hulanda museum, is a falsehood. In Burkina Faso, the former French colonial Upper-Volta, the slave trade is flourishing. Children are in forced into slave labor especially in large cities such as Bobo-Dioulasso and the capital Ouagadougou, or are sold as a popular export product to neighboring countries Mali, Ghana and Ivory Coast.
According to Childright, annually between 30-40,000 children between 6-16 years old fall victim. They are kidnapped by criminals, often drugged. They are forced to work as domestics, street vendors, field workers or in prostitution.
Countries in the region, like Ivory Coast, employ slave children on cacao plantations, and in Benin and Mali on rice plantations .
Childright aims to create awareness with a documentary that was filmed last month in Africa. The film is directed by Gideon van Aartsen, and is expected to be ready for global release in September, according to Gelt Dekker
Last year, Childright opened a care center in Ouagadougou, where presently 52 boys and girls find temporary shelter. "The children who recuperate from their slavery experience are still very frightened," says the Curacao businessman .
They are the lucky ones. Most of the thousands of victims are never liberated. Statistics of the "US Department Trafficking in Persons" show police and other NGO's only recovered 860 children last year. Of the 44 people arrested for trafficking only 6 were convicted in 2005. Sentences for illegal child labor in African countries vary from 3 months to 5 years in jail .
The government of Burkina Faso is greatly deficient in patrolling slavery and trafficking , according to the US Department of Trafficking in Persons, though some progress has been noted. An agreement was reached with eight neighbor countries to fight trafficking. Closing the border to Ivory Coast due to rebel insurgence showed some effect on the export of children, though the trade immediately migrated to Benin and Mali .
Although forced labor is outlawed, children below the age of twelve are allowed to do some light work In Burkina Faso. Between the age of twelve and fourteen, they are allowed to work 4.5 hours per day as domestics and in agriculture. In reality over 40% of all boys and girls between ten and fourteen work, not only in the legally allowed sectors, but also in mines and gold ore shiftings
As of the age of fourteen, children are allowed to work full time; usually that is also the age when they end schooling. Officially 47.5% of all youth enjoy some kind of education, though this statistic is only based on elementary school registrations. Schooling is free, but local communities are responsible for construction of school buildings and housing for teachers. Even when a school is available in the neighborhood, most parents cannot afford to send their children. Therefore Childright provides vocational and language schooling at its hostel for ex-slave children in Ouagadougou, according to chairman Gelt Dekker
Even education can lead to forms of slavery. Many parents in West Africa and Burkina Faso, entrust their children up to the age of 15 or 16 to a religious leader, a "marabout". The religious leader teaches them parts of the Koran, in exchange boys having to do certain chores at school and in households, and go out begging for the marabout. Supposedly, children have to experience the humiliation of begging in order to become a better person. The children live under very poor conditions .
Apparent poverty and neglect of the children is supposed to generate compassion and therewith money. Begging income goes entirely to the marabout. Children not collecting sufficient funds can count on a beating . In Curacao, it is already 143 years since slaves were liberated from their chain, but Africa is now writing a new chapter in the history of the slave trade .
Moderne slavernij
Terwijl Curaçao dit weekeinde de afschaffing van de slavernij in 1863 vierde, ging de handel in kindslaven gewoon door in het West-Afrikaanse land Burkina Faso. Jaarlijks worden ruim 30.000 kinderen in het land ontvoerd en verkocht om dienst te doen als mijnwerker, huishoudster, landarbeider of prostituee. Zakenman en erevoorzitter van ChildRight Jacob Gelt Dekker verbleef onlangs in het land voor de opnames van een documentaire over het onderwerp .
Wie denkt dat slavernij thuishoort in geschiedenisboeken en musea, zoals Gelt Dekkers Kurá Hulanda-museum, heeft het mis. In Burkino Faso, de voormalige Franse kolonie Opper-Volta, bloeit de handel in mensen nog steeds. Kinderen worden gedwongen tot arbeid in met name de grote steden Bobo-Dioulasso en hoofdstad Ouagadougou of worden naar buurlanden als Mali, Ghana en Ivoorkust verkocht als gewild exportproduct .
Volgens ChildRight gaat het jaarlijks om 30.000 tot 40.000 slachtoffers in de leeftijd van zes tot zestien jaar. Ze worden door criminelen gekidnapt, vaak onder invloed van drugs. Vervolgens gaan ze gedwongen aan de slag in de huishouding, als straatverkoper, landarbeider of in de prostitutie .
Landen in de regio, zoals Ivoorkust, zetten de slaafjes in op cacaoplantages, terwijl hen in Benin en Mali rijstplantages wachten .
ChildRight wil dit drama onder de aandacht brengen met een documentaire die vorige maand werd opgenomen in het Afrikaanse land. De film is geregisseerd door journalist Gideon van Aartsen en naar verwachting klaar voor wereldwijde uitzending in september, vertelt Gelt Dekker .
Vorig jaar opende ChildRight een opvangcentrum in Ouagadougou, waar momenteel 52 jongens en meisjes een tijdelijk onderkomen vinden. De kinderen die er bijkomen van hun slavernijverleden zijn nog steeds erg bang, merkt de Curaçaose zakenman op .
En zij zijn de gelukkigen. Het merendeel van de duizenden slachtoffers wordt nooit bevrijd. Volgens cijfers uit het ‘United States (US) Department Trafficking in Persons' spoorden politie en andere betrokken organisaties in Burkina Faso vorig jaar slechts 860 kindslaven op. Van de 44 voor mensenhandel gearresteerde verdachten werden er in 2005 in totaal zes veroordeeld. De straffen voor illegale kinderarbeid in het Afrikaanse land variëren van drie maanden tot vijf jaar celstraf .
De overheid van Burkina Faso neemt niet voldoende maatregelen tegen de slavernij, meldt het US Department Trafficking in Persons, al wordt er wel vooruitgang geboekt. Zo is er een overeenkomst met acht buurlanden gesloten om mensenhandel te bestrijden. Ook de sluiting van de grenzen met Ivoorkust door een rebellenopstand had effect op de kinderuitvoer naar dit land, al verlegde de verkoop zich vervolgens naar Benin en Mali .
Hoewel gedwongen arbeid wettelijk is verboden, mogen kinderen onder de twaalf jaar in Burkina Faso licht werk verrichten. Tussen hun twaalfde en veertiende is het toegestaan dat zij 4,5 uur per dag werken in de huishouding en landbouw. In de praktijk werkt ruim 40 procent van de jongens en meisjes tussen de tien en veertien jaar. Daarbij gaat het niet alleen om de toegestane sectoren, maar tevens om arbeid in mijnen en als goudwasser .
Vanaf veertien jaar mogen kinderen voltijd werken, dat is dan ook de gemiddelde leeftijd waarop zij stoppen met naar school gaan. Als zij dat zelfs doen. Officieel zou 47,5 procent van de jeugd enige vorm van opleiding genieten, maar dit cijfer is slechts gebaseerd op het aantal dat de basisschool bezoekt. Hoewel onderwijs gratis is, blijft de lokale gemeenschap zelf verantwoordelijk voor de bouw van scholen en de bijbehorende huizen voor de docenten. Is er wel een school in de buurt, dan kunnen veel ouders in een van de armste landen ter wereld het zelfs niet veroorloven om hun kind daar naartoe te sturen. ChildRight geeft daarom de ex-slaven in het opvangcentrum in Ouagadougou taalonderwijs, vertelt voorzitter Gelt Dekker .
Maar zelfs onderwijs kan leiden tot een vorm van slavernij. Veel gezinnen in West-Afrika, ook in Burkina Faso, vertrouwen hun kinderen toe aan een religieuze leider, de zogenoemde marabout. Dat gebeurt als de kinderen, voornamelijk jongens, circa vijf jaar oud zijn. Ze blijven onder het gezag van de marabout tot hun vijftiende of zestiende levensjaar. De geestelijk leider leert hen passages uit de koran, in ruil hiervoor verrichten de jongens verschillende taken op de school en in het huishouden, maar ook door te bedelen. De kinderen moeten de vernedering van bedelen ervaren om een beter mens te worden. De kinderen zouden meestal leven onder zeer slechte omstandigheden .
Omdat hen de extreme armoede en smerigheid duidelijk te zien is, hopen ze op veel medelijden om zo geld te innen. De opbrengst van het bedelen zou geheel naar de marabout gaan. Onvoldoende inkomsten kan een flink pak slaag opleveren .
Terwijl het reeds 143 jaar geleden is dat de Curaçaose slaven bevrijd werden van hun ketens, wordt in West-Afrika op die manier een nieuw hoofdstuk over mensenhandel geschreven .
|